Hoe ver ga jij

uit angst voor oorlog en geweld?

Opbrengst NVDV18

    NIEUWS

    'Van ons dorp is helemaal niets meer over'

    05 April 2018



    Naam: Celestin Mwema Lumwanga 
    Leeftijd: 57 jaar
    Afkomstig uit: Democratische Republiek Congo
    Opvang in: Kaseke vluchtelingenkamp




    Schuchter schuift de 57-jarige Celestin aan. Hij neemt plaats op een houten bankje, een van de weinige meubels in het Kaseke vluchtelingenkamp, waar hij nu woont. Zijn gezicht staat ernstig. Zijn verhaal gaat geen vrolijke worden, zoveel is duidelijk.

    De Democratische Republiek Congo is een van de grootste landen in Afrika en verkeert al twintig jaar in burgeroorlog. Vorig jaar verergerde het geweld omdat de oppositie heeft aangedrongen op het vertrek van zittende president Kabila. Eind 2016 liep officieel zijn regeertermijn af. Omdat de president daar geen gehoor aan gaf, liepen spanningen in het land op. Naast deze onrust zijn er in het oosten van Congo ongeveer 90 rebellengroepen actief die regelmatig in confrontatie komen met milities, het Congolese leger en de grootste VN-missie ter wereld. Het gevolg is dat miljoenen mensen moeten vluchten. Op dit moment ontvluchtten gemiddeld tussen de 5.000 en 5.500 mensen hun huis, en is het totale aantal van 4,5 miljoen mensen nog elke dag stijgende. 

    Celestin kan er helaas over meepraten. Hij is ook gevlucht voor het geweld, en heeft gezien wat de gevolgen zijn. “Ons dorp telde 300 huishoudens, maar na de overval op ons dorp is helemaal niets meer over,” vertelt hij. Hij weet alle details nog. Samen met zijn gezin had hij het goed voor elkaar. Hij was boer en veehouder, ze konden goed leven en alles was rustig. Op een zeker moment hoorde hij via iemand uit een naburig dorp dat een groep pygmeeën op rooftocht was. Voor de zekerheid besloot Celestin zijn kinderen bij vrienden in een ander dorp onder te brengen. 

    Waar hij bang voor was, gebeurde. “Uit het niets stond opeens een groep mensen met pijl en bogen in ons dorp. Ze schoten op iedereen, en staken alle huizen in brand.” Hij schudt zijn hoofd en gaat verder: “Ik heb gezien dat ze zeker 38 mensen hebben gedood. Een ervan was de jonge vrouw van mijn broer. Ze was zwanger, en hebben nadat ze haar hadden gedood met een machete de baby uit haar buik gesneden.” Het lukte Celestin en zijn vrouw om ongeschonden het bos in te rennen, alles achterlatend. De dag erna zijn ze teruggegaan. “Er was niets meer. Overal lagen lichamen van mensen uit ons dorp die omgekomen waren, en alle huizen waren afgebrand.” Ze hebben hun vier kinderen opgehaald en besloten te vluchten.

    Na zo’n 25 kilometer lopen door de heuvels en bossen kwamen ze in een provinciaal stadje aan. Daar hebben ze als gezin de trein genomen en zijn ze in Kalemie uitgestapt. Eenmaal in deze stad kregen ze een plek toegewezen in een nieuw vluchtelingenkamp, Kaseke, waar ze nu nog altijd verblijven. Celestine is blij dat hij hier veilig is, en dat zijn gezin het er levend heeft afgebracht. Maar het verlies van zijn broer, diens vrouw en kinderen valt hem nog steeds zwaar. Het dagelijkse leven nu is niet gemakkelijk, maar gelukkig zijn ze veilig! 

    In vluchtelingenkamp Kaseke heeft onze partner International Rescue Committee een waterzuiveringsinstallatie aangelegd, waardoor het water in de rivier wordt gezuiverd en mensen toegang hebben tot veilig drinkwater. Ook is er een medische post in het kamp waar mensen met ziektes, problemen en vragen terecht kunnen.

    Het is voor mensen als Celestin dat we met elkaar de Nacht van de Vluchteling lopen. Loop ook mee en draag bij aan noodhulp in dit en vele andere vluchtelingenkampen in de wereld. Elke dag, en elk bedrag telt.


    • Deel op